Fotografiemuseum Antwerpen:Patrick De Spiegelaere
Wouter | 27 mei 2008 17:45Van 29 februari tot 8 juni
Op 2 maart 2007 stierf Patrick De Spiegelaere (°1961) onverwacht aan de gevolgen van een hersenbloeding. Hij begon zijn carrière bij De Morgen, later werkte hij voor Knack, de Financieel Economische Tijd, Vacature en De Standaard Magazine. “En toch was De Spiegelaere geen nieuwsfotograaf pur sang. Op druk bezochte persconferenties stond hij altijd een beetje bezijden van de fotografenmeute, en hoewel hij er het postuur voor had was hij niet iemand om voor te dringen.” Ook voor de muziek- en theaterwereld maakte hij graag foto’s. Voor de hulporganisatie Vredeseilanden trok hij van Afrika tot Zuid-Amerika vaak op reportage.
En aan projecten zoals kunstboeken, covers van boeken en cd’s, kalenders en opdrachten van de Stichting voor Kunstpromotie werkte hij gretig mee. In 1995 startte hij met een jaarlijkse reis langs verschillende Europese hoofdsteden. “Gulheid. Bescheidenheid. Liefde voor alles wat hij zag. Geen kapsones, geen interesse in concurrentie, geen carrièredwang, geen geldzucht, geen rancunes, nooit een roddel of gezeur. Typisch voor hem was de ironische knipoog in het beeld, met grote subtiliteit.” Zijn specialiteit waren portretfoto’s zonder dat je als toeschouwer het gevoel kreeg dat mensen overdreven poseerden. Piet Piryns, zijn vroegere collega bij het weekblad Knack, stelt de retrospectieve samen. Het gaat om een selectie uit de tienduizenden foto’
s, negatieven en digitale bestanden die eind 2007 aan het FotoMuseum in permanente bruikleen werden overgedragen. Naar aanleiding van deze tentoonstelling brengt uitgeverij Lannoo het gelijknamige boek uit met voorwoorden van Knack-collega Piet Piryns en schrijver-vrienden Stefan Hertmans en Peter Verhelst.
“Hij schiep een orkaan van aanstekelijke energie waarbinnen hij aandachtig bleef, verstild zelfs. Dat verklaart ten dele het bedrielijke gemak waarmee hij dat immense oeuvre bij elkaar heeft gefotografeerd, een oeuvre dat blijft verbazen om zijn heterogeniteit en feilloosheid tegelijk.”